Oliedom ???

Bij de ene buur word ik getrakteerd op een lekkere bara. De andere buur geeft mij gefrituurde yam. En een andere buur schotelt mij gefrituurde cassave voor. Het is mij allemaal even lekker. Meestal eet ik het zo. Maar soms gebruik ik ook de peper die hierbij wordt geserveerd. En als ik zelf in mijn keuken iets frituur dan zijn het vaak zoete aardappelen met verse Italiaanse kruiden uit eigen tuin.

Natuurlijk eet ik ook andere lekkere gerechten. Maar in mijn omgeving wordt veel, heel veel gefrituurd.

Waarom dan de titel ‘Oliedom???’.

Bij de kliko’s en ondergrondse afvalinzameling staan regelmatig grote lege blikken en/of lege flessen. Waarbij ik mij dan afvraag wat is er met de oude olie gedaan. Terwijl ik dat naar voren breng krijg ik het antwoord dat dit geregeld bij een overleg met de gemeente naar voren is gebracht. Jammer genoeg tot nu toe zonder resultaat. Een vriend die meeluistert zegt daarop dat aandelen in een bedrijf dat riool ontstopping verzorgd de beste investering geeft.

Waarop ik denk dat het mooier zou zijn als de gemeente reiniging ook frituurvet gaat inzamelen. Ik begrijp dat er voor de horeca een lucratieve inzameling is. Het frituurvet wordt bijvoorbeeld gebruikt als bio-brandstof.

Worden we zo samen met de olie rijk, of blijven we met elkaar oliedom?

Geplaatst in Amsterdam, eten en drinken, Natuur, persoonlijk, Politiek | Tags: , , | 13 reacties

Partypoopers United

Vandaag 18 februari 2020 kunnen tot 24.00 uur de laatste zienswijzen op het Toekomstplan Gaasperpark ingediend worden. Her en der circuleren er voorbeelden van zienswijzes. Via, via kreeg ik de volgende zienswijze doorgestuurd:

Poepfestivals zijn booming, de opmars ervan lijkt vooralsnog niet te stuiten. Jongeren uit binnen- en buitenland zwermen wekelijks over onze Amsterdamse pleinen en parken om de grote boodschap uit te dragen. Toch is niet iedereen enthousiast. Een groeiende groep Amsterdammers is de overlast beu. Tijd voor een dialoog.

Roemer T., zelf eigenaar van het succesvolle pop-evenementenbedrijf Frizze JongenZ:’Ik vind de gevolgen van poepfestivals onacceptabel. Deze evenementen zorgen ieder weekend weer voor enorme stankoverlast en gezondheidsschade. Weet je wat die tonnen schijt met het milieu doen? En met onze opgroeiende kinderen, zieken en ouderen?’

Lena H., stuwende kracht achter koepelorganisatie De Stille Scheet : ‘Flauwekul. Wij werken circulair. Klagen over stront is echt niet meer van deze tijd. We hebben goede afspraken met de gemeentereiniging. Misschien dat er eens een boterbloemetje sneuvelt maar shit hoort bij de moderne dynamiek van een wereldstad als Amsterdam. De meeste klagers zijn 40-plus, dus sowieso tijd dat die eens richting Drenthe gaan.

Onderzoek door vooraanstaande gastroenterologen heeft aangetoond dat collectief stinken, weldadig werkt op de gelukshormonen van het collectief. Het was niet voor niets dat de oude Romeinen groeps-wc’s gebruikten. En dan vergeet ik nog bijna de financiële kant: honderden Amsterdamse ondernemers profiteren van onze inspanningen.’

Roemer:’ De festivalgangers verspreiden zich met duizenden tegelijk door de stad en poepen echt overal. Ze lopen zó je huis binnen en laten hun broek zakken, je kunt de walm nergens meer ontlopen. Ramen sluiten helpt niet. Dit weekend was het weer raak met Amsterdam Open Dung. Komende maand Gaasper Poepen en Diemer Drollen en binnen een straal van 10 kilometer van het Amsterdamse Bos hoef je voorlopig ook niet te komen: vierde editie van BosKaBouter. En dan heb ik het nog niet eens gehad over de jaarlijkse zomervakantie-shit: vier weken lang Kakku rondom het Bijlmerpark.’

Lena:’ Hoho, Open Dung hoort bij Zuidoost. Inmiddels is het na 10 jaar cultureel erfgoed. Zo kom je ook eens met je shit in de meer diverse huiskamer. En bedenk eens wat de stront oplevert aan werkgelegenheid, al die stagiaires bij Popla en de gemeentereiniging om maar wat te noemen. GaasperPlasjezz straks. Daar kun je echt geen last van hebben, super-mellow. We maken goede afspraken met de gemeente en die staan helemaal achter onze transitie-vibe. We verwerken de pies tot bier. En blijven sowieso binnen de gemeentelijke strontnorm: hooguit 82 dB ( Drollen per Bewoner, red.) per adres. Gemiddeld dan hé. Amsterdammers zijn enorme zeikers.’

Roemer: ‘En dan het middelengebruik. Hoe denk je dat die festivalbezoekers dat volhouden? Er gaan extreme hoeveelheden darmstimulantia in, de stad ligt bezaaid met wikkels ontbijtkoek en leeggeschraapte blikken bruine bonen. Naast de kaartcontrole van zo’n festival, schijnt een heel rijtje huisdealers te staan en echt niet alleen met Senna peulen en bio-zemelen.’

Lena:’ Nou moet je niet overdrijven, Rumoer. Jij verwijst naar een bedenkelijk Tsjechisch onderzoek dat bovendien maar op 1 festival is gedaan, KlysmaTata. En je weet net zo goed als ik dat daar vooral foute hardlijvige witte jongens komen, wij houden ons daar verre van. Onze festivals zijn vreedzaam en verbindend. We hebben twee jaar geleden voor festival De Bruine Trui zelfs een nominatie gekregen voor de prijs van de Cultuurkleurwedstrijd. Wij stimuleren diversiteit en tolerantie: we maken geen onderschijt, iedere kleur of vorm bolus is welkom. Shit just happens’

Roemer: ‘Het blijft razend makend dat dit allemaal maar kan. De volksgezondheid in de stad loopt ernstig gevaar door deze shit. Ik doe een beroep op het stadsbestuur om te kiezen voor de gezondheid en het welbevinden van de Amsterdammers.’

Lena: ‘Party-pooper….’

Met de volgende weblink kan iedereen vandaag nog zijn of haar zienswijze indienen:

https://www.amsterdam.nl/projecten/gaasperplas/nieuws-gaaspplas/laat-je-horen-gaasperplas-toekomstplan/

 

Geplaatst in Amsterdam, Biologie, eten en drinken, gezondheid, Kinderen, Natuur, persoonlijk, Politiek | Tags: , , , , , | 17 reacties

Bij, het Gaasperpark

In 2019 is er een uitgebreid onderzoek gedaan naar Amsterdamse bijen. Ik schrijf in de verdere tekst een samenvatting voor het Gaasperpark en het Nelson Mandelapark. Maar ik doe nu alvast een aanbeveling. Bij het beheer en een eventuele herinrichting van het Gaasperpark moet men rekening houden met de bestaande bijenpopulatie. Bij het beheer van het Nelson Mandelapark moet gezocht worden hoe de bijenpopulatie vergroot kan worden. Met de diverse imkers in Amsterdam-ZuidOost zou gekeken kunnen worden of het aandeel honingbijen in het Gaasperpark verkleind kan worden. Waardoor er meer ruimte en voedsel komt voor de wilde bijen.

Om de diverse wilde bijensoorten en met name de zeldzame bijensoorten te ondersteunen zouden er verbindende bloemenstroken / bijenlinten tussen het Gaaperpark, de Bijlmerweide en het Nelson Mandelapark aangelegd kunnen worden.

De volgende gegevens komen uit een bijeninventarisatie van EIS Kenniscentrum Insecten in opdracht van de gemeente Amsterdam. In 2019 hebben Menno Reemer, Martijn Kos, Tjomme Fernhout, Linde Slikboer de bijenfauna geinventariseerd in elf Amsterdamse  stadsparken: Bilderdijkpark, Erasmuspark, Gaasperpark, Martin Luther Kingpark, Nelson Mandelapark, Noordelijke Oeverlanden, Noorderpark, Oosterpark, Rembrandtpark, Sloterpark en Somerlust.

In het Gaasperpark komen 42 soorten bijen voor. Bij een telling zijn er 300 honingbijen geteld en 500 wilde bijen. In het Nelson Mandelapark zijn maar 26 soorten bijen gevonden. Waarvan 50 honingbijen en 400 wilde bijen.

Er zijn vier bijensoorten gevonden die op de Rode Lijst staan, alle vier in de categorie Kwetsbaar: weidebij Andrena gravida (Gaasperpark), grote koekoekshommel Bombus vestalis (Gaasperpark en Nelson Mandelapark), bruine rouwbij Melecta albifrons (Nelson Mandelapark) en roodsprietwespbij Nomada fulvicornis (Gaasperpark en Nelson Mandelapark). De weidebij is hiervan het meest bijzonder: deze soort was al sinds de jaren 1950 niet meer in Amsterdam gevonden.

Bloemen en bijen in het Gaasperpark

Bloemen

20 april: smeerwortel, paardenbloem, witte dovenetel, paarse dovenetel, gele dovenetel, wilg, meidoorn, daslook.

11 juni: kruldistel, akkerdistel, streepzaad/biggenkruid, rolklaver, witte klaver, rode klaver, boterbloem, schermbloemen, hondsdraf, ooievaarsbek.

17 juli: harig wilgenroosje, haagwinde, gewone berenklauw, duizendblad, madeliefje, braam, rode klaver, witte klaver, kruldistel, groot heksenkruid, rolklaver, grote wederik, gewoon biggenkruid, gele ganzenbloem, korenbloem.

Bijen

In totaal zijn in het Gaasperpark 42 bijensoorten gevonden. De meest bijzondere vondst is die van een vrouwtje van de weidebij Andrena gravida. Deze soort van de Rode Lijst (categorie Kwetsbaar) was sinds de jaren 1950 niet meer in Amsterdam gevonden. Het is een vrij zeldzame soort van bloemrijke open vegetaties die zijn nesten in de bodem graaft op zonbeschenen, spaarzaam begroeide plekken, liefst in hellingen, zoals op dijken. In het Gaasperpark is de soort gevonden op een wat hoger gelegen en door bomen beschut gedeelte.

 

Bijzondere vondsten Er zijn vier bijensoorten gevonden die op de Nederlandse Rode Lijst staan (Reemer 2018), alle vier in de categorie Kwetsbaar: de weidebij Andrena gravida (Gaasperpark), de grote koekoekshommel Bombus vestalis (Gaasperpark en Nelson mandelapark), de bruine rouwbij Melecta albifrons (Nelson Mandelapark) en de roodsprietwespbij Nomada fulvicornis (Gaasperpark en Nelson Mandelapark). De meest bijzondere hiervan is de weidebij. Deze soort van open, bloemrijke terreinen is zeldzaam in het westen van het land en was in Amsterdam al sinds de jaren 1950 niet meer gevonden. Er zijn ook enkele soorten gevonden die weliswaar niet op de Rode Lijst staan, maar die wel zeldzaam zijn in West-Nederland en nog niet uit Amsterdam of omgeving bekend waren. Dit zijn de geriemde zandbij Andrena angustior (Gaasperpark). In de meeste gevallen van bovengenoemde bijzondere soorten gaat het per soort om één exemplaar per vindplaats, dus in hoeverre het hier om populaties gaat of om zwervende individuen van elders is onduidelijk. Alleen de grote koekoekshommel en de roodsprietwespbij zijn op meerdere plekken gevonden. Beide soorten zijn koekoeksbijen die hun eieren in de nesten van andere bijensoorten (resp. de aardhommel Bombus terrestris en de grijze rimpelrug Andrena tibialis) leggen. Blijkbaar zijn de populaties van deze gastheren in de parken groot genoeg om een goede populatie van deze koekoeksbijen te onderhouden.

Wilde bijen nestelen op allerlei plekken. Veel soorten graven zelf hun nest in de bodem, met name op schaars begroeide plekken. Sommige hommels maken gebruik van verlaten muizenholen. Andere soorten nestelen bovengronds in dood hout, waarin andere insecten gangen hebben uitgeknaagd. Ook zijn er diverse soorten die hun nesten in holle takjes en stengels bouwen, en zelfs enkele soorten die uitsluitend nestelen in lege slakkenhuisjes. Hoe meer variatie er in een terrein is aan zulke ‘microstructuren’, hoe meer bijensoorten er een geschikte nestelplek kunnen vinden. Bijen houden van warmte, dus belangrijke voorwaarde voor een geschikte nestelplek is dat deze een flink deel van de dag in de zon moet liggen. Alle bijen bezoeken bloemen. Zij drinken nectar voor hun eigen energievoorziening en verzamelen stuifmeel als voedsel voor de larven. Met dit stuifmeel vliegen ze naar hun nest, waar ze het in de nestcellen opbergen en er hun eieren op leggen. Veel soorten bijen zijn in bepaalde mate gespecialiseerd in hun bloembezoek. Gespecialiseerde bijen verzamelen bijvoorbeeld alleen stuifmeel op wilgen, schermbloemen, kattenstaart of klavers. Een bij vliegt dagelijks diverse malen op en neer tussen nest en bloemen om voldoende voedsel te verzamelen. Het is dus belangrijk dat geschikte nestelplaatsen niet te ver van de bloemen vandaan liggen.

Voor de volledigheid voeg ik ook de gegevens van het Nelson Mandelapark toe. En veel jonger park, maar ook een park dat niet ontworpen, aangelegd en beheerd wordt met het oog op biodiversiteit en/of bijenfauna.

Bloemen en Bijen in het Nelson Mandelapark

Bloemen 20 april: paardenbloem, hondsdraf, smeerwortel, witte dovenetel, paarse dovenetel.

13 juni: witte klaver, gele composieten, schermbloemen, rolklaver, kruldistel, madeliefje, braam, boerenwormkruid, kleine klaver, kruisbloem spec.

20 juli: witte klaver, gele composieten, schermbloemen, akkerdistel, kruldistel, madeliefje, braam, boerenwormkruid, vlinderstruik.

Bijen In totaal zijn in het Nelson Mandelapark 26 soorten bijen gevonden. De meest bijzondere vondst is die van de bruine rouwbij Melecta albifrons. Deze vrij zeldzame soort staat op de Rode Lijst in de categorie Kwetsbaar. Het is een koekoeksbij die zijn eitjes legt in de nesten van de gewone sachembij Anthophora plumipes.

 

De Gemeente Amsterdam heeft EIS Kenniscentrum Insecten verzocht om in 2019 de bijenfauna te inventariseren in de volgende elf stadsparken: Bilderdijkpark, Erasmuspark, Gaasperpark, Martin Luther Kingpark, Nelson Mandelapark, Noordelijke Oeverlanden, Noorderpark, Oosterpark, Rembrandtpark, Sloterpark en Somerlust. De volgende link geeft de volledige tekst van de rapportage:

http://www.bestuivers.nl/Portals/5/Publicaties/Artikelen/Rapportage_Bijen_Amsterdamse_parken_2019.pdf?ver=2019-11-26-100606-017

 

Geplaatst in Amsterdam, Biologie, eten en drinken, gezondheid, Natuur, persoonlijk, Politiek | Tags: , , , | 8 reacties

Windkracht

De Britse admiraal Francis Beaufort (1774-1857) introduceerde in het begin van de negentiende eeuw een schaal om de windkracht mee te kunnen bepalen. Deze naar hem vernoemde ‘Schaal van Beaufort’ wordt nog altijd gebruikt.

De schaal van de admiraal kreeg verschillende klassen. Francis Beaufort baseerde de indeling op de werking van de wind op een volgetuigd oorlogsschip. De admiraal keek dus niet zozeer naar de wind maar naar het gedrag van zijn schip. Hij keek bijvoorbeeld hoeveel zeil er gevoerd moest worden bij een zwakke bries, storm of orkaan.

De omschrijvingen van Beaufort varieerden van windkracht 0 (geen vertier) tot windkracht 12 (zeilen waaien uit de lijken). Windkracht 7 kreeg de omschrijving dubbelgereefde marszeilkoelte en windkracht 10 stond voor dichtgereefd grootmarszeil en gereefde fok.

Voor de windkracht boven land werden later criteria opgesteld die bijvoorbeeld verband hielden met het bewegen van bladeren, takken en bomen. In 1905 werd de schaal door Sir George Simpson aangepast aan de stoomvaart. Later voegde hij ook de windsnelheden aan de schaal toe.

In 1873 werd de schaal internationaal aanvaard. Vandaag de dag worden nog vrijwel alle wind- en stormwaarschuwingen uitgedrukt in Beaufort.

https://historiek.net/francis-beaufort-man-wind/38069/

Korte video over de ‘Schaal van Beaufort’:

Geplaatst in Natuur, Onderwijs | Tags: | 17 reacties

Weg

Niet altijd wijst de weg zichzelf. Er zijn er
die zich verliezen in steeds meer en steeds
minder doorzichtige stenige zijpaden, in omhoog
en omlaag zonder duidelijk doel, en nog altijd
is het een weg, met de sporen die daarop wijzen.
Misschien, denk je ergens, halverwege of waar
het ook mag zijn, als je in kalme angst meent
verdwaald te zijn en zelfs de weg terug nooit
meer te zullen vinden, misschien is er een oog
dat deze verwarde weg ziet als een rechte lijn,
als een pijl, die zonder omhaal afvliegt op
het doel. Vertrouw daarom de weg, altijd, want
hoe dan ook, hij komt aan, anders was hij er niet.

T. van Deel

 Over T. van Deel
T. van Deel (1945 – 2019) was Neerlandicus, dichter, bloemlezer, essayist, redacteur en recensent. Hij debuteerde in 1968 met de dichtbundel ‘Strafwerk’ en ontving in 1987 de Jan Campertprijs voor zijn bundel ‘Achter de waterval’. Van 1969 tot 2008 was hij literair criticus bij de krant Trouw. Van Deel schreef ook kritieken voor Vrij Nederland en verleende medewerking aan tal van tijdschriften met creatief en kritisch werk. Een voornaam aandeel had hij in de oprichting van ‘De revisor’ waarvan hij tot en met 1980 redacteur was.

 

Geplaatst in Onderwijs, persoonlijk | Tags: , , | 14 reacties

Een schokkende Valentijnswandeling

SCHOKKEND! zoveel warmteverlies
Vanochtend op Valentijnsdag liepen bewoners met 3 Warmte-experts van !Woon in Kantershof . In het kader van #kbuurtaardgasvrij zijn ism Hart voor de K-buurt opnamen met een warmtecamera gemaakt van de verschillende typen huizen in Kantershof.
Met elke nieuwe warmte opname liep bij iedereen de koude rillingen over de rug. Alle soorten voor- en achtergevels lekken op diverse plaatsen de warmte van de huizen. Ook de kopse gevels aan de zijkanten blijken zeer slecht geisoleerd te zijn.
Een detail; er zijn nog steeds huizen in Kantershof waar nu nog enkel glas te vinden is …
Een ander detail de afwerking van de nieuwe voor- en achtergevels is in het algemeen slecht. Maar er zijn uitzonderingen, van slecht tot zeer beroerd.
In heel Kantershof is 1 uitzondering gevonden. Nieuwe bewoners hebben zelf de kopse gevel aan de zijkant helemaal opnieuw opgebouwd. Dat is de enige woning waar een goede isolatie gevonden is.
Iedereen van de warmtewandeling is dan ook erg geschrokken van deze warmtewandeling.
Baudouin Knaapen van !Woon gaat berekeningen maken met de warmte opnamen. Nadere informatie volgt! Ook een plan om verder voor te lichten en bewoners te helpen verbeteringen en besparingen te realiseren.
Uw rapporteur Rob Alberts, energiecommissaris 1104
Geplaatst in Geen categorie | 18 reacties

Nieuwe energie, nieuwe kansen

Regelmatig schrijf ik iets over de energietransitie in mijn wijk. Aardgasvrij is het streven van de Gemeente Amsterdam. Maar ik heb een aantal andere doelen. De ambtenaren willen de K-buurt aansluiten op het stadswarmtenet van Vattenfall. De warmte van de Biomassa gestookte Energiecentrale in Diemen moet de warmtebron voor Amsterdam-ZuidOost worden.

Ik denk vooral aan betaalbare warme huizen, scholingsmogelijkheden en werkgelegenheid voor de bewoners van Amsterdam-ZuidOost. Omdat energie duurder wordt is het isoleren van woningen  steeds belangrijker. Omdat er nieuwe modernere manieren van verwarming komen zijn er ook steeds meer nieuwe goed opgeleide vakmensen nodig.

Isoleren blijft bij oudere woningen noodzakelijk. In de K-buurt zijn de wijken Kantershof en Kelbergen slecht geisoleerd. Maar ook het Henriette Roland Holst Huis is zeer slecht geisoleerd. Dit zijn de oudere complexen in de K-buurt. De nieuwste isolatietechnieken zijn hier noodzakelijk om het verwarmen betaalbaar te houden. Kortvoort is indertijd met betere en nieuwere technieken gebouwd. De isolatie van de woningen van Kikkenstein, Kruitberg en Kleiburg kan ook verbeterd worden. De andere woningen zijn nieuwer en zijn veel beter geisoleerd gebouwd.

Naast het stadswarmtenet van Vattenfall zijn er ook nog vier andere manieren om te verwarmen. Warmtewisselpompen, biogas, all electric en een nieuw systeem van warmte halen uit  het oppervlakte water rondom de wijk zijn de vier andere systemen. Hier zijn nieuwe goed opgeleide vakmensen voor nodig. Samen met het stadsdeel, de stichting CO Force en het ROC van Amsterdam is er een nieuwe opleiding gestart voor deze vaklui.

Pratend met de verschillende bedrijven, woningcooperaties, energieleveranciers, fabrieken en onderhoudsbedrijven is er een grote vraag naar goed opgeleide professionals. Nu met een opleiding starten betekent dan ook verzekerd zijn van een goed betaalde baan.

Voor de bewoners van de K-buurt, huurders of eigenaren geeft dit de mogelijkheid om te kijken naar een nieuwe, comfortabele en betaalbare verwarming in hun huizen.

Bewoners-eigenaren zullen zelf moeten investeren. Maar die investering zal een meerwaarde geven aan hun huis. En die investering zal een verlaging geven van de toekomstige energielasten. Huurders zullen samen met hun verhuurder een traject van inspraak en samenspraak in moeten gaan. Wat kan en wil de verhuurder investeren in isolatie en nieuw verwarmingssysteem. Wat is acceptabel en betaalbaar aan energielasten voor de huurder.

Kortom er is werk aan de winkel! Werk in een nieuw participatieproces. Maar ook werk in een totaal nieuw vakgebied met uitdagingen en nieuwe kansen op verwarmingsgebied.

Ik zal hier op mijn blog nog vaker over gaan schrijven.

Geplaatst in Amsterdam, duurzame energie, Kinderen, Onderwijs, persoonlijk, Politiek | Tags: , , | 26 reacties